Klik hier om terug te gaan naar deel-1

Gebruik voor een overzicht van de soms complexe families op deze pagina Parenteel de Jongh 1 Opent in eigen venster.

Egodocumenten de Jongh -2


Een volgende generatie komt in beeld.Klik hier voor deel 2 van de familiegeschiedenis.

De oudste zoon van het echtpaar Daniel de Jongh-Raeber, Erdwin Adrianus (Wien) trouwt in 1799 met de Deventer burgemeesterdochter Theodora {Doortje) Jordens. Wien is koperhandelaar bij  zijn vader. Voor meer over de Jordens Klick hier >>

Miniatuurtjes uit 1800 van het jonge paar door Gijsbertus van der Bergh, lid en corrector van het Rotterdamse teekengenootschap "Hierdoor tot Hooger" (IB 91141/42)

Zij krijgen in 1800 hun eerste kind genaamd Lucia Wilhelmina. 

De Rotterdamse schilder Nicolaas Muys maakte in 1801 bovenstaand schilderij van het jonge gezin met in de kinderstoel Lucia (IB 91135). Hun welstand  en ook hun liefde voor muziek en beeldende kunst is duidelijk uitgebeeld. Ook hun kleding was voor die tijd de laatste mode en de piano van een splinternieuw type.  Erdwin de Jongh kende Muys van het tekengenootschap "Hier door tot Hooger", waar hij sinds 1800 lid was. Het schilderij, dat vroeger naast het bureau van mijn grootvader hing, is thans uitgeleend aan het Historisch Museum te Rotterdam.  Meer over Muys in een door het museum uitgegeven  boekje genaamd: "Aangenaam gezelschap"  

Eind 1803 wordt als  tweede kind van het echtpaar de Jongh-Jordens mijn betovergrootvader Coenraad Alexander geboren.



In mei 1803 treedt  Anna Maria (Mietje) als tweede van het gezin de Jongh-Raeber in het huwelijk en wel met de koopman H.C. van Oven.


Hun huwelijk is echter van korte duur want Van Oven overlijdt een jaar later.


Hierover twee brieven:

In hetzelfde jaar Gaat Erdwin de Jongh in de gemeentepolitiek getuige het volgende artikel uit de Rotterdamsche courant van 19 mei 1804:

Dan volgen andere documenten:

In 1805 bevalt Theodora de Jongh-Jordens van een tweede zoon die Daniel genoemd zal worden.Helaas overlijd hij een jaar later aan de kinkhoest.


In mei 1807 wordt een tweede zoon, ook Daniel genoemd, geboren maar nu slaat het noodlot pas echt toe. Theodora overlijd in december aan de gevolgen van roodvonk en Daniel II overleeft zijn moeder slechts met 1 maand. De volgende advertenties uit de Rotterdamse Courant getuigen hiervan.


Vader Daniel is nog actief betrokken bij de Lutherse kerk. Hij maakt volgens een artikel uit de RC van 17 juli 1806 deel uit van een deputatie van de de Lutherse gemeente te Rotterdam die de gelijkberechtiging van deze geloofsgroep bepleiten voor Koning Lodewijk Napoleon.


  • Het volgende document is een brief in het najaar van 1808 geschreven door Johanna Adriana (Jansje) van Beeftingh (1787-1828) dochter van Aernout van Beeftingh en Jacoba Boon aan haar vriendin Johanna Sophia Lucia (Jansje)de Jongh (1787-1875) dochter van Daniel de Jongh en Lucia Raeber. Jansje vB verhaalt over een bruiloft. Jansje de Jongh heeft een aanstaande, van Meurs genaamd. Hij was niet de eerste zo blijkt. Klik hier >> Er zullen er nog twee volgen (1810 en 1811) De Beeftinghs zijn familievrienden zie verder>>>

Erdwin Adrianus hertrouwd in 1809. Ook deze keer met een dochter uit een aanzienlijke Deventer familie, de 28 jarige Emilia Alida Weerts. Deze verbintenis zal kinderloos blijven. Voor meer info over de Weert's Klick hier >>


Miniatuur van E.A de Jongh door G.J. v/d/ Berg ( IB 91140). Van het schilderij van Emilie (zij heeft het miniatuur in de hand) is de maker onbekend (IB 91136 )




Enkele maanden later overlijd Vader Daniel. De catalogus van de openbare verkoop van zijn ten dele van zijn oom Daniel ge-erfde kunstverzameling in het gebouw van "Hierdoor tot Hooger" beschrijft niet minder als 90 schilderijen meest van zeventiende euwse meesters, 1214 tekeningen en 1963 gravures.


In datzelfde jaar hertrouwd Mietje de Jongh met een broer van Emilie Weerts.


Coenraad Alexander Weerts (1782-1868) miniatuur door G.J. v/d Berg (IB 116241 ) en Anna Maria de Jongh (1782-1830) ; 1809; (IB 116268)

Het is waarschijnlijk dat Weerts de auteur is van een liefdesgedicht die beschrijft hoe een losgerukte klimop zich weer opricht en een jonge sterke boom omstrengeld. Klik hier >>

Meer informatie over het echtpaar Weerts de Jongh bij "Aantekeningen betreffende de familie Weerts" van de hr, Scheurleer, deel 1b (vanaf blz 49) en verder . Klik hier >>

  • In maart 1810 weer een brief geschreven door Jans van Beeftingh (1787-1828) aan haar vriendin Johanna Sophia Lucia (Jansje)de Jongh (1787-1875). Ditmaal komt de schrijfster met de mededeling dat zij waarschijnlijk mevrouw Pit zal worden. De status van Jans de Jongh met van Meurs is nog niet duidelijk. Klik hier >>


  • Later dat jaar verschijnen de volgende advertenties onder elkaar in de Rotterdamse Courant

    De huwelijken van de vriendinnen vond plaats op resp. 11 november in Zutphen en 7 oktober in Zoeterwoude zodat ze naar ik aanneem er wederzijds bij aanwezig waren.

    Hendrik .F. van Meurs (1780-1864), zoon van de schout van Het Harde Pieter van Meurs en Antonia E. Werdenier(s), studeerde rechten in Harderwijk was o.a. notaris en lid stedelijke raad van Harderwijk. In 1813 kocht hij het nabij Harderwijk gelegen landgoed Hulshorst wat hij als zomer-residentie gebruikte. Verdere loopbaan: 1818-1822 lid provinciale staten, 1824-1844 burgemeester van Harderwijk, 1849-1852 lid van de Eerste Kamer.

  • In december 1810 een brief geschreven door Lucia Maria (Luus) de Jongh aan haar 2 jaar ouder zus Jansje. Onderwerp:Luus helpt haar zus Mietje na de geboorte van haar eerste kindje in Zutphen. Jans is in Harderwijk, waar haar man burgemeester was (of werd). Klik hier >>

  • Brief d.d. 30 december 1811 van Johanna Adriana (Jans/Jet) van Beeftingh aan Jans de Jongh. Onderwerp: De aanstaande bevalling van beide vriendinnen Klik hier >>

  • Brief d.d. 19 januari 1812 van Emilie de Jongh - Weerts aan haar schoonzus Jansje met een levendig ooggetuige verslag van het bezoek van Napoleon aan Rotterdam in oktober 1811 . Bij die gelegenheid werd Emilie samen met 29 andere dames uitgekozen om zich met het keizerlijk paar te onderhouden. Ook was het echtpaar de Jongh - Weerts aanwezig bij het welkomstfeest in de Doelen. Klik hier >>

  • In die brief schrijft Emilie over haar gezin: Mijn waarde man is seer gezond als ook de lieve kinderen die braaf groot worden en extra goed leeren. Lucie is altijd nog bij de brave jufr[ouw] Heusteekel edog Sander is tans bij de raad Rozendaal. Zijn school wierd slegt. Lucie gaat van tijd tot tijd op een kinderbal alwaar zij een heel aardig figuur maakt doordien zij lief danst en sig tans veel beter houd als voorheen. Zij is een lief gehoorzaam meijsje daar ik veel plaisir van heb. Sander nog jonger en onbezonnen. Best superbe maar geeft mijn meer moeite als zij.

    Pastel schilderijen van de kinderen de Jongh-Jordens (IB 91139/38. kunstenaar en jaar onbekend)

  • Rotterdam 27 maart 1812. Brief van Lucie (L.M.) de Jongh aan haar zuster Jans. Klik hier >>
  • Brief van Mietje Weerts - de Jongh vermoedelijk d.d. 7 juni 1812 aan haar zuster Jans Onderwerp: Luus de Jongh komt op bezoek bij Jans. Verstege , stiefvader van neefjes en een nichtje Weerts is failliet. Klik hier >>
  • Parijs 14 juli 1812 Brief van Frits de Jongh (29) aan oom Raeber (1761-1825) Frits was daar samen met zijn broers Jan (Johannes) en Wien met zijn vrouw Emilie. Behalve een plezier reisje moest Frits kennelijk ook in beroep tegen de douane. Wien was toen Lid van de Rechtbank van Koophandel. Klik hier >>
  • Na terugkomst van deze reis overlijd Frits (Frederik Johannes de Jongh) eind augustus in Den Haag op 29 jarige leeftijd.


  • Zijn deelname aan de stadspolitiek in de Franse tijd belet Wien niet om ook na aankomst van Willem I november 1813 een openbare rol te blijven spelen. In 1814 neemt hij deel aan de zogenaamde Notabelenvergadering ter bekrachtiging van de nieuwe grondwet
    > Meer in www.parlement.com

    Daarna krijgt hij functies die te maken hebben met zijn lidmaatschap van de Lutherse kerk. te weten: lid bestuur Nederlands Bijbelgenootschap te Rotterdam, vanaf 22 juli 1814 , lid commissie ontwerpen algemeen reglement voor de Evangelisch Lutherse kerk, 1815 lid Evangelisch Lutherse Synode idem vanaf 1818 tot tenminste 1824.

  • In februari 1814 trouwde Daniel de Jongh, jongere broer van Wien, met Mary Smith dochter van James en Vrouwe Pennington. In december van dat jaar wordt een dochter geboren met de naam Lucia Maria. Het echtpaar woonde in Rotterdam.
  • Lucia Maria (Luusje) de Jongh geboren in 1789, zus van Wien trouwt in oktober 1816 met Jan Anthony Kallenberg van den Bosch, zoon. van Reyer en Cornelia Maria Kellerman. Het paar gaat in Den Haag wonen Ze kopen in 1821 een langoed met zomerhuis in Oosterbeek genaamd De Hemelsche berg.
  • Mietje Weerts-de Jongh heeft inmiddels 4 jonge kinderen om voor te zorgen die alle kinkhoest hebben. Ze schrijft hierover in februari 1817 een brief aan haar zus Jans van Meurs-de Jongh die 1 dochter, Betsij, heeft. Klik hier >>

    Dan slaat het noodlot toe. In maart 1818 verliezen Luusje en Boschje zoals zij haar man noemt hun eerste kind tijdens de bevalling. Luusje schrijft hierover een brief op 22 maart 1818 aan haar zus Jans. Klik hier >> Een week later schrijft zus Mietje een brief aan Jans.
  • Eind oktober van datzelfde jaar treft ook Jansje zelf het verlies van Lucia Maria een kindje dat slechts 3 weken leefde. Haar man Van Meurs schrijft een gedicht ter troost van zijn vrouw. Klik hier >>
  • Zus Mietje schrijft troostbrieven aan Jans Klik hier voor die van 28 november en hier voor die van 16 december 1818


      
    Uit de Opregte Haarlemsche Courant van 19 november 1818   Maart 1819 overlijd een gelijknamige dochter van Daan en Mary


  • Een paar weken daarvoor in februari 1819 trouwt Johannes (Jan) de Jongh, jongere broer van Wien, te Harderwijk met Elisabeth Maria van Hoytema (1784-1865), dochter van Dominicus, Burgemeester van Zaltbommel en gecommitteerde ter staten generaal en Elisabeth Maria Roos. Ze gaan bij de (Rotterdamse Kopermolen in Apeldoorn) wonen Hun huwelijk zal kinderloos blijven.

  • In een brief van 6 maart 1819 schrijft oom Frits Raeber, aan Van Meurs ondermeer dat het inmiddels redelijk goed gaat met Lucie en haar Boschje. Het echtpaar bereid zich voor op een reisje naar Duitsland en Zwitserland.

  • In januari 1820 is er weer verdriet in huize Hulshorst. Jans van Meurs - de Jongh heeft een miskraam gehad. Ook nu weer schrijft Zus Mietje haar een brief ter troost.

  • Midden 1820 word de schoonmoeder moeder van Mietje Weerts-de Jongh ernstig ziek en wordt verpleegd in het huis van Mietje. Zij overlijd eind november. Mietje schrijft hierover aan Jans op op 25 juni en rond het eind van dat jaar

  • In oktober 1821 verhuist de familie Weerts-de Jongh naar hun nieuwe huis Marienberg te Arnhem. Klik hier

    Brieven van Mietje of Maria Weerts - de Jongh zoals ze zich gaat noemen aan haar zuster Jans uit de de periode 1822-1826 ontbreken. Wat daar de reden voor is weet ik niet. Maria overlijd op 14 october 1830 slechts 48 jaaroud. Het zijn zeer lezenswaardige brieven die gaan over het dagelijkse wel en wee van de families de Jongh, Weerts en Van Meurs. Er zijn er teveel om hier in context te plaatsen. voor toegang zie de documenten index Er is meer informatie over deze families bij egodocumenten Weerts.

    Lucia Wilhelmina de eerder genoemde dochter van Erdwin A. de Jongh en Theodora Jordens trouwt in juli 1822 te Rotterdam met de officier Willem George Frederik van Heemskerck. Ze kregen 4 kinderen.

    De man van Luusje de Jongh, Jan Anthony Kallenberg van den Bosch overlijd in februari 1823. Ze hebben twee kinderen.

    Daniel de Jongh, de jongere broer van Wien overlijd in februari 1830 in Rotterdam. Hij laat zijn vrouw Mary achter met 4 kinderen. Zij verhuist kort daarop naar Deventer.

    In februari 1831 schrijft Emilie een brief aan haar schoonzus Jans van Meurs-de Jongh. De 2 jongste kinderen van haar stiefdochter Lucie zijn kort geleden overleden. Emilie zelf is ziek. Stiefzoon Alex (Coenraad Alexander) is ingezet als luitenant in het leger ter bedwinging van de Belgische opstand. Klik hier >>


  • Emilie, de vrouw van Wien, overlijd in oktober 1832 in hun villa te Rotterdam. Stiefzoon Coenraad Alexander keert terug uit militaire dienst naar Rotterdam maar is helaas te laat om haar nog in leven te zien. Zie hierover een brief van zijn legeraanvoerder de hertog van Saksen Weimar

    Wien overlijd in september 1833 te Rotterdam en laat helaas voor zijn nageslacht een grote schuld achter, gevolg van langdurig op te grote voet leven. Zijn zoon Alex vraagt en krijgt eervol ontslag uit militaire dienst en treed in overleg met de familie over de negatieve erfenis van zijn vader. Uiteindelijk besluit de familie om heel genereus de schuld te absorberen zonder hem en zijn zuster Lucia hiermee te belasten. Zij erven alleen de portretten van hun ouders. Lucia komt hierover in aanvaring met de familie. Coenraad Alexander besluit als ambtenaar naar Nederlands Indië te gaan omdat daar meer kansen zijn voor iemand met een goede opleiding maar zonder geld. Hij maakt, op nadrukkelijk eigen verzoek, cariere in de rechterlijke macht. Over hem later meer. Zie voorlopig zijn lemma op Wikipedia.

    Het huwelijk van dochter Lucia met Van Heemkerck loopt stuk. Zij scheid in november 1837 en gaat in Brussel wonen waar zij in 1850 overlijd. Lucia Weerts dochter van Mietje en Alex schrijft erover in haar Journaal deel 2 blz 47/48.

    <<< Terug <<<



    hdebie45.deds.nl/Genea